|
Roomtoffeetje
|
|
|
|
Opdracht 3
Nu was ik niet alleen. Ik liep samen met Bea naar de Grote zaal om te ontbijten. We waren aan het praten over mijn huiswerk, ik snapte er niks van. Ik moest een betoog schrijven over Nicolaas Flamel. En nu was ik toevallig in slaap gevallen tijdens Geschiedenis van de toverkunst -net zoals de rest van de klas-, had die stomme geest dan echt niet door dat iedereen sliep? Gelukkig vond Bea Geschiedenis van de toverkunst wel interessant, volgens mij is zij de enige op school. 'Nog bedankt dat je me hebt geholpen Bea,' zei ik. 'Door jou heb ik nu een beetje een idee wie die gast was.' Ze zei niks. Ik keek naast me, hé waar was ze nou? Ik draaide een rondje en zag dat ze bij een groot bord was blijven staan. Ze wuifde met haar hand: 'Kom is Violet! Er is een wedstrijd begonnen, zullen we er aan mee doen? Lijkt me super lachen!' 'Oké...' zei ik voorzichtig. Ik had geen zin om weer op de ziekenzaal te belanden vanwege een grap van een van haar vrienden. 'Maar wat is de bedoeling?' 'Kom nou maar, dan kun je het zelf lezen,' riep ze. Ik liep snel naar haar toe. De bedoeling was om Heer Gevaldus te vinden. Dat moest niet zo moeilijk zijn dacht ik. 'Ja is goed, daar kunnen we wel aan mee doen. Ik weet alleen niet of ik wel een goed iemand ben om iemand te zoeken die in het kasteel of omgeving verstopt zit. Ik zit hier pas drie dagen op school!' 'Ach joh, ik weet de weg toch? En het is juist goed, zo leer je een beetje de weg hier op Zweinstijn!' zei Bea enthousiast. Ze mocht dan wel gelijk hebben, maar ik had er een slecht gevoel over. Maar daar ging ik nu nog niet over na denken, mijn maag rammelde. 'Kom mee Bea, ik heb reuze honger!' En ik sleepte haar mee naar de Grote Zaal.
Om drie uur hadden we afgesproken bij de uitgang van de leerlingenkamer. Dan had ik nog twee uur om huiswerk te maken. Ik besloot om maar te beginnen met Geschiedenis van de Toverkunst. Want ik kon me nog maar vaag herinneren wat Bea allemaal zei over die Nicolaas Flamel. Helaas had ik pech, er waren geen tafeltjes meer vrij in de leerlingenkamer. Maar ik zag de kleine, magere jongen alleen zitten. Zo te zien had hij nog geen vrienden gemaakt, ik ook niet dus we waren eigenlijk een perfect duo. Niet dat ik behoefte had aan zo'n klein jongetje maar hij zat daar zo zielig. Hij keek me verschrikt aan maakte zich nog kleiner. 'Ik ben Violet,' zei ik. 'Hoe heet jij?' Hij keek me schichtig aan en wachtte met antwoorden. Was hij bang van me? Of had ik toch beter een douche moeten nemen vanochtend? 'Nou,' zei ik. 'Jij zit toch bij mij in de klas, dan mag ik je naam toch wel weten? Of niet soms?' 'S..s...sorry,' piepte hij. Ik moest lachen, 'daar hoef je toch geen sorry voor te zeggen!' 'S...s...sorry,' herhaalde hij. 'Ja oke, je houdt van sorry zeggen. Dat weet ik nu wel. Maar wat is je naam nou?' 'Florian,' zei hij zacht. 'Aangenaam kennis te maken Florian.' zei ik. 'Heb jij dat betoog voor Geschiedenis van de toverkunst al af? Ik moet er nog aan beginnen, maar eerlijk gezegt ben ik een beetje in slaap gevallen tijdens die les...' 'Haha,' lachte Florian. Hij had een erg raar lachje. 'Ik ook stiekem, maar ik het boek staat een heel verhaal en daar heb ik mijn mening tussen gestopt et voilà!' 'Bedankt!' Ik ging meteen aan de slag, als ik geluk had was ik voor drie uur klaar en kon ik ook nog het huiswerk voor Bezweringen maken. Toen ik het betoog af had was het al 3 uur. Snel legde ik mijn schooltas in de slaapzaal en rende ik naar de uitgang. Bea stond er al. 'Nou zullen we maar gaan?' Vroeg ze. 'Ja, is goed,' hijgde ik. Van zo'n klein stukje rennen word ik al moe. 'Oké, we gaan eerst buiten kijken. Ben je al wel eens buiten geweest?' vroeg Bea. 'Nee, ik ben alleen buiten geweest toen we aankwamen op Zweinstijn. Maar ik hoorde dat die reus Hagrid ook buiten woonde. Moeten we dan niet oppassen?' 'Haha! Nee joh! Hij is hartstikke aardig! Als je een vraag hebt over van alles kun je gewoon naar Hagrid toe gaan. Hij zeurt ten minste niet zo.' We liepen verder tot we buiten kwamen. Ik probeerde een beetje op de omgeving te letten, maar ik had geen idee meer hoe we bij de grote deur kwamen die ons naar buiten liet. Plots rende er een kleine man met lang wit haar voorbij. 'JAA!!' gilde Bea. 'Dat is hem!!' Ze begon achter hem aan te rennen. Heer Gevaldus keek om en rende nog harder. Hij had een kistje in zijn handen geklemd en leek niet van plan het los te laten. 'Pak me dan als je kan!' riep hij met een hoog stemmetje. Ik rende ze achterna en riep: 'Gebruik een toverspreuk Bea!' 'Ja goed idee!' Toen riep ze iets onverstaanbaars en heer Gevaldus viel boven op het kistje. Bea sprong boven op hem en trok het kistje onder hem en smeet het naar mij. ik ving het behendig en probeerde het open te maken, wat niet lukte... 'Jaa, het lukt je toch nooit!' gilde heer Gevaldus. 'Gebruik de spreuk Alohomora!' riep Bea. 'Alohomora!' zei ik en ik zwaaide een beetje met mijn toverstok. Maar het kistje ging open! Er zat een gekleurd papiertje in waar op stond: Wijsheid is blijheid. Teleurgesteld liet ik het papiertje zakken. 'Nou wat zit er in Violet?' gilde Bea. 'Ach laat heer Gevaldus maar los...' zei ik teleurgesteld. Bea liet heer Gevaldus los en liep naar me toe. Heer Gevaldus sprong veerkrachtig op en riep: 'Ja, jullie kennen nu het belangrijkste wat je ooit zult leren! Daarom 50 punten voor Zwaderich!' Heer Gevaldus hief zijn toverstok op, maakte een raar zwiepje en het kistje en het papiertje vlogen in brand! Verschrikt liet ik het los en keek heer Gevaldus raar aan. Hij sprintte weg en liet Bea en ik alleen achter...
|